Uit: Perspectief (tijdschrift ministerie van justitie) nr. 5, juli 2003, blz. 14
Print deze pagina
Gescheiden ouders HOUDEN recht op informatie.
Dat ouders allebei recht hebben op dezelfde informatie over hun minderjarige kinderen van mensen die beroepshalve met hun kinderen te maken hebben,
is een open deur. Minder bekend is dat dit recht blijft bestaan na (echt)scheiding, ook wanneer een ouder niet meer met gezag is belast, ook wanneer een ouder geen omgang heeft met het kind. Sinds 1995 voorziet artikel 377c van boek 1 van het Burgerlijk Wetboek in een informatieplicht van derden die beroepshalve contact hebben met de kinderen. De strekking begint geleidelijk aan door te dringen. Verschillende beroepsorganisaties, zoals de Koninklijke Nederlandse Maatschappij voor Geneeskunde (KNMG), geven hun leden voorlichting erover. Informatie aan gescheiden ouders speelt het meest op scholen. De Landelijke Klachten Commissie heeft aanbevolen dat scholen een procedure voor de informatieverstrekking aan gescheiden ouders opstellen. Sommige scholen besteden reeds in hun schoolgids aandacht aan de informatieverstrekking aan gescheiden ouders.
Idealiter houden de ouders elkaar na (echt)scheiding spontaan op de hoogte van de belangrijkste ontwikkelingen van het kind, zoals wettelijk verplicht is.
Dit wordt vergemakkelijkt wanneer er een goed lopende omgangsregeling is. Sommige gescheiden ouders gaan zelfs gezamenlijk naar de ouderavond op school, eventueel vergezeld van hun nieuwe partners.
VALSE BESCHULDIGINGEN
Bij een verstoorde relatie tussen de gescheiden ouders ontstaan er vaak problemen wanneer een niet-verzorgende ouder informatie wenst te verkrijgen over de kinderen.
De verzorgende ouder houdt zich niet aan de eigen informatieplicht en probeert zelfs te verhinderen dat derden informatie geven aan de andere ouder. Niet zelden worden daarbij o.a. scholen onder druk gezet en valselijk geïnformeerd over afspraken. Vaak wordt dit onderbouwd met allerlei beschuldigingen aan het adres van de andere ouder.
Verzet van een ouder tegen informatieverstrekking mag echter nooit een reden zijn tot weigeren van informatie aan de andere ouder, zo heeft de Rotterdamse rechtbank al eens uitgemaakt. Aangezien de school een zelfstandige informatieplicht heeft kan zij zich ook niet verschuilen achter de informatieplicht van de verzorgende ouder.
Er zijn uitzonderingen op de plicht tot informatieverstrekking. Bijvoorbeeld: indien een rechterlijke beschikking kan worden getoond waarin het recht
op informatie is beperkt; in gevallen dat de informatie in verband met het beroepsgeheim ook niet aan de andere ouder wordt verstrekt; of dat informatieverstrekking niet in het belang van het kind is.
De school zal zwaarwegende argumenten moeten hanteren om informatie te weigeren en die argumenten ook kenbaar moeten maken aan de ouder die om informatie vraagt. Die ouder kan dat laten toetsen door een klachtencommissie of rechter.
LAST VOOR SCHOLEN
In vrijwel elke klas zitten wel één of meer kinderen van gescheiden ouders. Elke leraar wordt daardoor geconfronteerd met de vraag of en in hoeverre men aan deze informatieverstrekking kan, mag of moet meewerken. Immers, het is voor schólen vaak een extra last bijv. door de extra oudergesprekken.
Bij het wettelijk kader mogen wij niet vergeten dat er ook een menselijk kader is. Immers, het belang van deze informatievoorziening is dat een ouder op de hoogte blijft van de ontwikkelingen van het kind zodat het kind geen compleet vreemde is geworden wanneer het contact weer wordt hersteld. Dit is een wederkerig belang voor het kind. Daarnaast voelt een niet-verzorgende ouder vaak een grote behoefte om op de hoogte te worden gehouden. Moet een ouder veel moeite doen om informatie te verkrijgen dan blijkt dit vaak een negatieve weerslag te hebben op de 'rust' in het gezin. Ook hier is het belang van het kind gediend met een goede informatievoorziening.
Jos van Gorp
Stichting Thomas Asselijn
|